Meedoen


Demo’s zijn regelmatigheidswedstrijden. Dat wil niet zeggen dat er niet sportief gereden mag worden. Het gaat uiteindelijk om het demonstreren van sport- en wedstrijdmotoren van vroeger. Maar voor iedere deelnemer is er respect. Zeker, snelle rijders doen mee, maar zij geven alle ruimte aan degenen, die het kalmer aan willen doen. Je kunt je dus zonder voorafgaande wedstrijdervaring met een gerust hart inschrijven voor demo-evenementen.

Zo zei nieuwkomer Ronnie Schäfer na de allereerste demo waaraan hij deelnam: “Wat een gemoedelijk, gezellig evenement. Ik geniet er elke minuut van.”

Lage drempel

Het deelnemersveld is heel divers. Man en vrouw, ervaren en onervaren. Genoeg jonge mensen nemen deel, maar velen zijn al vijftig-, zestig-, of zelfs zeventigplusser. De mannen – en vrouwen – rijden op de motoren die ze in hun jonge jaren hebben zien rondrijden op circuit en openbare weg. Sommigen namen destijds zelf deel aan wedstrijden, anderen kwamen er pas op latere leeftijd aan toe. Deze vorm van motorsport kent een heel lage drempel. Een klassieke racer hoeft niet duur te zijn, vooral niet als je zelf de handen uit de mouwen steekt. Wie handig is of iemand kent die handig is kan een motor prepareren en zonder veel kosten aan demo’s meedoen.

Hoe begin ik?

Allereerst ga je natuurlijk eens kijken bij de demo’s. Je proeft de sfeer, spreekt deelnemers en officials aan en je bepaalt voor jezelf in welke klasse en met wat voor soort motor je zou willen deelnemen. Dat laatste zal meteen bepalend zijn voor welke van de twee organisaties je zal kiezen. Zie de paragraaf ‘motortypen’.

Toelating

Als je als nieuweling wilt gaan meedoen, overleg je eerst met de toelatingscommissie van de organisatie van jouw keuze. Want niet elke machine wordt zonder meer toegelaten. Het is belangrijk dat de motor past in het beoogde tijdsbeeld en dat het een model is met een sportieve uitstraling. Je motor moet natuurlijk lijken op een wedstrijdmachine, niet op een toermotor met verlichting en kentekenplaat. Om teleurstellingen te voorkomen stuur je een paar foto’s en misschien kan je iets vertellen over de geschiedenis van de motor. Bij groen licht kan je de volgende stap zetten!

Motortypen

De MON heeft twee demo-organisaties onder haar vleugels, CRT en SAM. Er zijn vooral veel overeenkomsten, maar ook enkele duidelijke verschillen, met name in het toelatingsbeleid. Bij de eerstgenoemde is de uiterste bouwjaargrens 1972, bij de laatstgenoemde 1987. Bij CRT wordt niet gereden met schijfremmen, behalve in de zijspanklasse. Bij SAM zijn deze remmen wél toegestaan, alsmede motoren tot en met 750cc. In de enduranceklasse zelfs tot 1000cc.

Prepareren van de motor

Goed, je hebt de motor van jouw keuze gevonden. Vervolgens ga je de motor prepareren, aan de hand van het technisch reglement, dat via de websites van MON, SAM of CRT te downloaden is.

Enkele zaken zijn belangrijk bij een motor waarmee je aan een snelheidssport meedoet. Tenslotte vertrouw je je gezondheid en die van anderen eraan toe.

Ten eerste: de motor moet goed sturen. De keuze voor het juiste rijwielgedeelte is natuurlijk stap één, maar soms is dat zoals het is. We hebben het nog steeds over breedtesport, motorsport voor iedereen, ook degenen met een kleine beurs. Rekening houdend met alle beperkingen die aan een bepaald motortype verbonden zijn, is er altijd iets te doen aan de wegligging. Bijvoorbeeld door gewicht te besparen waar dat kan, een juiste afstelling van vering en demping, de juiste banden met de juiste bandenspanning. Loop zo vaak mogelijk alle bevestigingspunten van motorblok en frame na. Zorg dat er geen speling zit op balhoofd- en wiellagers.

Ten tweede: de motor moet goed remmen, vóór én achter. Controleer ze vóór elke demo, gebruik zo goed mogelijke materialen en bezuinig niet op onderhoud. Borg bouten die los kunnen lopen.

Ten derde: de motor mag geen olie of andere vloeistoffen lekken. Borg alle olievul- en -aftappunten, monteer eventueel een olie-opvangpan, gebruik het juiste pakkingmateriaal, leid de carterontluchting naar een opvangreservoir, gebruik geen koelvloeistof maar gedistilleerd water, zorg dat de voorvorkkeerringen goed afdichten. En loop altijd de motor vóór elke manche goed na.